Kerk van Passendale in puin

De Franse oud-strijder August Gouiller schreef op 18 juni 1965 aan Dr. A. Caenepeel te Ieper het volgende over de vernieling van de kerk te Passendale:

“Op 24 oktober 1914 kwam de 8e Divisie van het Frans Legerkorps op de frontlijn te Zonnebeke aan. Mijn groep, 3e groep van het 33e artillerieregiment (75 mm) werd aangevoerd door Commandant Birot. De 9e batterij stond onder bevel van Kapitein Marcotte de Sainte-Marie en van Luitenant Souchon. Onze batterij was opgesteld achter de spoorweg Roeselare-Ieper op de hoeve Van Walleghem. De mannen van de 135e en 33e linieregimenten lagen aan Broodseinde in een moordende strijd gewikkeld met de oprukkende Duitsers. Ze vielen als halmen onder de zeis en het aantal overlevenden slonk als sneeuw voor de zon. Gevallen officieren dienden gestadig vervangen te worden door mannen van lagere graad.

Ondertussen bestookten onze batterijen met obussen van alle kaliber de heuvelkam van Passendale. Na een paar dagen werd onze Commandant verwittigd dat de klokkentoren van Passendale gebruikt werd door de Duitsers als uitkijkpost en hij kreeg het bevel deze te vernietigen. Als vurig katholiek, aan het hoofd van mannen, allen afkomstig uit een katholiek departement, kon hij het moeilijk over zijn hart krijgen de kerk te beschadigen. Daarom werd ik, August Gouiller, belast om dit delicaat karweitje op te knappen. Eerst werd geschoten met ‘obus à balles’. Daar het resultaat onvoldoende was, diende ik twee obussen van 75 mm af te vuren. Het eerste schot trof het onderste van de galmgaten en het tweede was volle roos, zodat de uitkijkpost, richting Zonnebeke, volledig vernield was.”

Op 23 augustus 1972 is August Gouiller voor een tweede maal naar Passendale gekomen om de nieuwe mooie kerk te bezichtigen. Hij had toen nog altijd spijt over hetgeen hij op bevel eind oktober 1914 had moeten uitvoeren. Hij troostte zich bij de gedachte dat hij op die manier waarschijnlijk vele van zijn makkers in de vuurlijn het leven had gered. Op die 23e augustus legde hij ook een kroon neer op het Frans kerkhof St. Charles (Potyze) te Ieper. Zijn gemoed kwam vol toen hij al die graven zag van zijn gewezen strijdmakkers, gevallen om het behoud van Ieper. Het spookbeeld van de oorlogsgruwel kwam hem opnieuw voor de geest.

Noot: Het is waarschijnlijk dezelfde scherpschutter die eind oktober 1914 de molen op de wijk Wallemolen, met één enkel schot vernielde.