home > toerisme > hekserij

hekserij

Beselare staat sinds jaar en dag bekend als "toveressenparochie". Ieder dorp en elke gemeenschap zal wel zijn straffe verhalen gekend hebben over heksen (toveressen in de streektaal), betoverde koeien, vliegende geiten en rondwalende witte dames. In Beselare werden die verhalen ook opgetekend door volksschrijvers en heemkundigen. Vooral volksschrijver Edward Vermeulen (Warden Oom) heeft bijgedragen tot het instandhouden van deze spotnaam. In zijn verhalen vertelde hoe de eenvoudige, bijgelovige bevolking ziektes en onheil in de schoenen schoof van bejaarde, een beetje kinds geworden vrouwtjes, die men voor heksen nam.

 

In 1959 mondde een gewone straatkermis uit in een volksfeest dat de aanleiding zou geven tot de heksenstoet. Ondertussen is de stoet een folkloristische optocht met een 1000-tal figuranten en is één van de levendigste en aantrekkelijkste stoeten van het land.

De heksenstoet gaat tweejaarlijks uit (onpare jaren) op de laatste zondag van juli. Deze dag stierf in 1750 immers onze "heksenmeesteresse" Sefa Bubbels.

In aanloop naar de stoet en op het "heksenweekend" valt er heel wat te beleven in het heksendorp.

foto heksenmonument

 

Op het marktplein prijkt een bronzen heksensstandbeeld en een beetje verder, verscholen achter de kerk, bevindt zich de magische kruidentuin.

Op geregelde tijdstippen zijn hier korte rondleidingen en worden er kruidenworkshops gegeven.

Informeer hiervoor op de dienst cultuur.

 

 

 

 

 

Langs het heksenpad (provinciale wandelroute) komt u langs de bespookte plaatsen van weleer. Uiteraard sluit u uw wandeling af met een heksenbier in een Beselaars café. Groepen kunnen een heksenwandeling boeken onder begeleiding van een verteller.

 

Meer info over de heksenstoet vindt u op www.heksenstoet.be.

Bezoek ook eens de site van de heksenreuzin Treze Belle op www.trezebelle.be

Heksenlegenden

Beselare dankt zijn naam aan de vele heksenlegenden. In het boek “Tooveresse, wie syde ghij” hertaalde en herwerkte Oswald Maes, de legenden die vader Jozef neerschreef. Deze publicatie kwam tot stand door een samenwerking tussen het gemeentebestuur, de Zonnebeekse Heemvrienden en het Beselaarse Heksencomité.

Het boek zelf is te koop op de dienst toerisme, bij de Zonnebeekse Heemvrienden of bij het Beselaars Heksencomité.

 

Calle Bletters
Een reuzenheks, een vliegende heks, een dulle heks, een pondig meubel met stoute zwarte ogen en greitende uitdagende lippen, en een neus lijk een pikhaak. Zij heette eigenlijk Katrien Belettere, een dochter van de smid Pieter Belettere uit de 'betoverde smisse', in de Wervikstraat. Calle haalde haar kunsten uit een groot perkamenten toverboek vol met griezelige 'figuren ende formulen'. Zij had het met voorliefde gemunt op vreemde voermanspaarden, die 'en passant' in de smesse beslegen wierden; als zij er in gelukte een paard met haar linkerhand op de rug te strelen en terzelfdertijd aan te spreken, was het zeker dat het dier alvast betoverd was en de voerman er onderweg last en mizerie mee zou krijgen.

Over Calle hebben wij het volgend verhaal opgetekend gevonden: 'Een voerman uit Roeselare liet zijn paard van nieuwe hoefijzers beslaan in de betoverde smesse; terug vertrokken begon het te steigeren en met schuwe ogen zijn kop te schudden. Gekomen aan de Brezende (1) ging er bij de voerman een licht op, 't schoot in zijn gedacht dat Calle het paard op de rug gestreeld had, terwijl zij met de lippen een formule prevelde, het dier was daarbij hevig geschrokken. Pieter de peerdesmet had aan Calle geboden weg te gaan. Doch het was reeds te laat! De kwade hand had haar werk gedaan: het paard was betoverd!!

Ten einde raad besloot de voerman naar de paters van de abdij te Zonnebeke(2) te gaan om het te laten belezen. Doch hoe dichter hij bij het klooster kwam, hoe schuwer en lastiger het dier werd, het beefde op zijn poten, al maar gedurig de kop schuddend. Binst dat de pater het paard belas, liep het zweet in strepen van het dier zijn rug en stond het te domen lijk een grote kookketel. Toen alles afgelopen was duidde de pater een kort gebed aan dat de voerman elke nuchtend en avond moest opzeggen, dit gedurende negen dagen. Hij gaf hem nog een gewijde medalje mee om op het gareel te bevestigen, daarmee zou hij goed thuis geraken en het paard zou na de negen dagen volledig hersteld zijn. Alles viel uit zoals de pater het voorzeid had, maar de voerman heeft er nadien wel voor gezorgd nooit meer zijn paard te laten beslaan in de betoverde smesse. '(3)

Het kwam zover dat Pier de peerdesmet op de duur geen werk meer had. Calle met haar duivelse streken werd door iedereen gemeden,kinderen die haar zagen afkomen liepen schreeuwend naar binnen.

De baljuw en de heren van de wet hebben meermaals gepoogd haar het boek te ontfutselen of af te kopen maar ze zijn er nooit in geslaagd.
Ten slotte heeft Calle Bletters, als zij haar einde voelde naderen, het groot toverboek zelf in het smessevuur verbrand. Zij is gestorven in het jaar 1747, doch de naam 'betoverde smesse' is nog wel honderd jaar onder het volk blijven bestaan.

De doopnaam van Calle Bletters is Anna Catharina Belettere (°Beselare 1668, +taldaar 1747); ze was de dochter van de smid Petrus Jean Belettere (°Beselare 1639), die de zoon was van Glaude Belettere. Zij is de enige vrouw uit onze reeks, van wie we - via stamboomonderzoek - nog rechtstreekse nakomelingen kennen. Zo bijvoorbeeld Sigrid Buyse, dochter van Freddy Buyse (°Beselare 21.02.1946) en Jacqueline Debeuf (°Zonnebeke 30.03.1952).

Calle is een vervorming van Catharina
Belettere: iemand die iets belet, tegenhoudt, een beschermer. In Groot Woordenboek van Daele, 1970, lezen we: schab(e)letter = veldwachter, iemand die belet dat er schade is.


(1) Brezende: Broodseinde, wijknaam, een kruispunt in Zonnebeke. Kruising van de wegen Passendale - Beselare en Zonnebeke - Moorslede. Dit 'Broodseinde" werd geschiedkundig uitvoerig behandeld door Dirk Ooghe in het betreffende themanummer van 'Het Zonneheem',jaargang XXX, n1'. 1, p. 2-16.
(2) Deze abdij van reguliere kanunniken van Sint-Augustinus (1072 - 1796) was gelegen naast de huidige kerk.
(3) De verteller van dit verhaal in het verhaal is ons onbekend.


Uit de magische kruidentuin

De kruidentuin kwam er onder impuls van herboriste Gaby Vannieuwenhuyse die vond dat heksendorp Beselare er niefoto kruidentuint zonder kon. Het gemeentebestuur ging in op haar voorstel en sedert 2000 ligt er – als het ware in de schaduw van de kerktoren – een heuse magische kruidentuin. We hebben het heel bewust niet over een heksentuin. Heksen kweekten immers hun kruiden niet zelf, maar zochten die in de natuur.

 

Vormgeving van de tuin.

In de vorm van de tuin zijn verschillende magische symbolen verwerkt. Het meest opvallende symbool is de grote cirkel. In onze kruidentuin is die terug te vinden in de buxushaag. Groene grondverf maakt de cirkel volledig. De cirkel staat symbool voor oneindigheid, perfectie en eeuwigheid. De oude religies hadden geen gebouwen, kerken of tempels. Elke plaats kon dienen als die afgebakend werd door bijvoorbeeld een krijtlijn, een zoutlijn, met stenen of takken . De cirkel symboliseert de scheiding tussen het innerlijke en de uiterlijke wereld, het is een afschermen van energieën. Ze heeft noch begin noch einde . Het is DE plaats voor een ritueel.

 

We stappen binnen in de cirkel en vinden het altaar. Dit is de werkruimte waarrond het ritueel zich afspeelt. Het altaar kan een afgeplatte steen zijn, een schoon geveegd stukje grond of zoals hier een (stenen) tafel. Het altaar is naar het Noorden gericht. Daar komen immers de magische krachten vandaan. Op de tafel staat een oude tekst, gevonden in een grot toegewijd aan Hermes Trismegistus, de Patroongod van de magiërs. De tekst stond op een smaragden steen gebeiteld (waarschijnlijk in Egypte), hier is de steen van graniet.

Dat wat boven is, is als wat beneden is

en wat beneden is, is als wat boven is,

om de wonderen van het ene te bereiken.’

Daarmee leggen we de verbinding tussen de macrokosmos – de sterrenhemel en planeten – en de microkosmos – het leven van plant, dier en mens, de mineralen en de hele atoomwereld en cellenstructuur.

 

Verder treffen we er het pentagram aan, ook wel pentakel genoemd. Het pentagram of de vijfpuntige ster is het krachtigste symbool van de Magiër. Hiermee krijgt hij macht over de ‘elementalen’, dit zijn de ‘geesten van de 4 natuur-elementen’. Vroeger was heel de natuur, zowel de hemel als de aarde, begeest. Zo hadden ze een God of een Geest voor een berg, een beer, de zon en de maan. Ook kruiden werden aan een God gekoppeld en zo ook de 4 elementen. Zo verwijzen de vijf punten van de ster naar de vier elementen van de natuur namelijk aarde, lucht, vuur en water en het 5 de punt naar het spirituele, het geestelijke. Het pentagram kent net als de cirkel geen begin of einde en symboliseert daarom volmaaktheid en totaliteit.

Door deze eigenschappen heeft het pentagram de kracht om kwade geesten te binden of te verdrijven en is het lievelingssymbool van de magiërs. Deze tekening vinden we in veel religies terug. Hier in de tuin is het pentagram in rode steen gemaakt. Rood is een beschermende kleur.

 

De natuurelementen zijn in deze tuin weergegeven in buxus: het vierkant voor het element aarde, de cirkel voor lucht, de driehoek voor het vuur en de halve maan voor het element aarde. Dit zijn de zelfde elementen waarover reeds sprake was bij het pentagram.

 

Het vierkant staat voor stevigheid: onbeweeglijke, aardse en tastbare volmaaktheid (vb. een stoel, een tafel een kast). Het wordt geassocieerd met betrouwbaarheid, eerlijkheid, beschutting en veiligheid. Het vierkant is een veel gebruikt symbool en verwijst naar orde in het universum en evenwicht tussen tegendelen. Het vierkant staat voor aarde en voor het Noorden.

De kleine cirkel staat voor het element lucht en kijkt naar het Oosten.

 

In de driehoek verwijst het getal drie naar de drie aspecten van het zijn nl. ziel, geest en lichaam. In de alchemie, zwavel, kwik en zout, de basis voor het fysieke bestaan. De driehoek staat voor het element vuur en het Zuiden.

 

De wassende maan verandert naar volle maan en neemt dan terug af. Dit wordt gesymboliseerd in de halve maan. Ze staat voor nieuwe geboorte en de magische kracht die vormen kan veranderen. Omdat de halve maan ’s nachts door de hemel trekt, is zij ook symbool geworden voor het lichtschip dat de ziel door de duisternis naar het licht van de nieuwe dageraad voert. De halve maan staat voor het element Water en het Westen.

 

Wenst u meer informatie over de magische kruidentuin, dan kunt u contact opnemen met herboriste Gaby Vannieuwenhuyse – gsm 0477 49 80 78 of met de dienst cultuur.