Passendaalse dokter gaat door het lint

In 1836 was Pierre François De Baere huisdokter (chirurgien zoals ze dat toen noemden) te Passendale. Hij was op dat moment al een fiere grijsaard van 68 jaar, weduwnaar van Josephine Ooghe en vader van drie kinderen. In de functie van geneesheer volgde hij in het begin van de 19e eeuw zijn vader Cesar De Baere op. Die heeft vooral furore gemaakt als ‘opperkommandant’ van de ‘Brigands’ voor onze regio, tijdens de Boerenkrijg in 1798. Met zijn ‘Compagnie’ bevrijdde hij ondermeer Poelkapelle en Langemark.

In januari 1836 had Virginie Verduyn, echtgenote van Eustachius Penet uit Moorslede, bij een val haar been gebroken toen zij naar haar vader Antoine, gewezen molenaar en olieslager, te Passendale op bezoek kwam. Dokter De Baere werd bij de ongelukkige geroepen. Hij diende de eerste zorgen toe, spalkte het been en verbood uitdrukkelijk de patiënte te vervoeren naar huis. Toen hij het slechte nieuws vernam spoedde de 22-jarige Louis Penet (zoals hij altijd met zijn tweede voornaam werd genoemd) zich met zijn eigen huisdokter Petyt uit Moorslede naar het huis van zijn schoonvader. Tegen het advies in van dokter De Baere, lieten Penet en dokter Petyt 's anderendaags toch de vrouw naar huis transporteren. Dokter De Baere was niet vergoed voor zijn medische prestatie. Vader Verduyn kwam wel langs bij de dokter ‘s anderendaags om te betalen maar deze aanvaardde geen betaling in de overtuiging de vrouw nog verder te moeten nabehandelen. Dit was dus niet het geval en op 21 juli 1836 trok dokter Pierre De Baere dan maar naar Moorslede om af te rekenen met de familie Penet.

De dokter arriveerde te Moorslede in een herberg. Louis en Virginie Penet hadden er een beenhouwerij en herberg. Zij was alleen thuis. Er ontstond vrij snel een discussie tussen de dokter en de vrouw over de 18 florijnen die hij vroeg voor de medische prestatie. Plots daagde haar echtgenoot op. Dokter De Baere bood hem een biertje aan en nodigde hem uit om een partijtje te vloerbollen tegen nog twee klanten die net de herberg waren binnengekomen. De mannen namen de uitdaging aan en ze bolden tot 09.00u. De klanten verlieten de herberg en dokter De Baere achtte het moment gekomen om het terug over de betaling te hebben. Louis Penet stelde voor om eerst een hapje te eten en de dokter aanvaardde het aanbod. Tijdens de hap laaide de discussie over de betaling terug op. De meid van Penet was getuige van een felle woordentwist. Penet weigerde te betalen met de woorden: “eerder dan u achttien florijnen te betalen geef ik u achttien trappen in uw achterste en gooi ik u buiten”. De dokter en Louis Penet werden plots handgemeen. Wiens stoppen doorsloegen is niet duidelijk maar plots lag dokter De Baere op de grond met Penet schrijlings boven zich. De dokter voelde zich bedreigd en haalde uit zijn jaszak een knipmes en klikte het open achter zijn rug. De meid had het gezien, stoof buiten en riep: “moord, moord”. Op dat ogenblik kwamen de gebroeders Bonte voorbij. Zij zagen hoe de dokter zwaaide met zijn mes en maanden hem aan het mes af te geven. Pas toen zij dreigden met fysiek geweld duwde de dokter Penet van zich af en liet het mes los. Er hing bloed aan. De dokter maakte zich uit de voeten zonder zijn pet en zijn mes en zonder te betalen. Louis Penet wilde zich oprichten maar viel in zwijm, badend in een plas bloed. De bijgeroepen dokter Vermeersch uit Moorslede constateerde twee ernstige wonden door messteken: één van drie duim diep aan de achterkant van de rechterdij, één in de rechtse borststreek. Het mes was afgeschampt op de 10e rib zodat de long net niet werd geraakt. Dankzij de goede zorgen van dokter Vermeersch was Louis drie weken later al opnieuw hersteld. De rijkswacht kwam ter plaatse om de nodige vaststellingen te doen.

In het naar huis rijden met zijn paard en sjees ontmoette dokter Pierre De Baere nog notaris Melchior Christiaen te Passendale en hij vertelde hem hoe hij daarnet aan een moordaanslag was ontsnapt. Hijzelf was ook licht gekwetst. Hij had kwetsuren aan de linkerwang, het linkeroor, de hals, de arm en de zijde. Hij ademde moeilijk en zijn stem was verzwakt. Hij beweerde ook pijn te voelen bij het urineren. Niets verontrustend evenwel. Hij liet alles attesteren door de Ieperse dokters Vanacker en Hammelrath.

Dokter Pierre De Baere legde klacht neer tegen Louis Penet via de Ieperse advocaat Beke. Hij beweerde dat Penet moedwillig de klanten uit de herberg liet vertrekken om alleen te zijn met hem. Ondanks een waarschuwing van de dokter voor zijn wapen was het toch Penet die aanviel. Hij verklaarde ook pas te hebben gestoken in uiterste nood (toen hij op de grond lag met Louis Penet bovenop hem) en als wettige zelfverdediging. Ondertussen werd hij herhaaldelijk aangetrapt in de zijde door de meid, aldus zijn verklaringen.

De zaak kwam voor op de correctionele rechtbank te Ieper op 13 oktober 1836. Er was grote belangstelling van de vele sympathisanten van de dokter. Deze was strijdvaardiger dan ooit. Herhaaldelijk ging hij luid protesteren en gesticuleren. Hij straalde fierheid uit omdat hij de aanslag had kunnen afslaan. Het proces werd een welles-nietes-spelletje over wie nu als eerste had aangevallen en of De Baere handelde uit wettige zelfverdediging. De rechter aanvaardde de thesis van wettige zelfverdediging wat betreft de tweede messteek van de dokter maar niet voor de eerste messteek. Bloedsporen op zithoogte op de schoorsteen lieten vermoeden dat de eerste messteek niet was toegebracht in liggende houding zoals de advocaat van Penet pleitte. De uitspraak luidde dan ook: een maand gevangenisstraf, 16 fr. boete, 200 fr. schadevergoeding met interest aan de burgerlijke partij en de gerechtskosten. Dokter De Baere tekende beroep aan tegen de strenge straf. De rest van het verhaal is ons niet bekend. Wel is zeker dat het incident een belangrijk gespreksthema was op het dorp te Passendale in 1836.